Laten we het nog eens over de treinramp bij Tempi hebben. Op 28 februari zal het drie jaar geleden zijn dat er 57 mensen om het leven kwamen bij een treinbotsing waarover het laatste woord nog niet is gezegd.
Op 28 februari 2023 botste een goederentrein frontaal op een passagierstrein nadat beide treinen bijna 20 minuten lang op het zelfde spoor reden, zonder dat iemand daar een idee van had. Een en ander had te maken met het feit dat er geen elektronische controlesystemen waren geïnstalleerd (hoewel Griekenland daar van Europa geld voor had gekregen en er zelfs een contract voor had ondertekend).
Bij de botsing kwam een enorme steekvlam vrij, waarvan de oorzaak nog steeds niet eenduidig vast staat. De regering houdt het op siliconenolie van de locomotieven die in brand schoot, terwijl anderen beweren dat de goederentrein een ontplofbaar goedje vervoerde. Merkwaardi genoeg waren er 2 jaar lang geen videobeelden van de goederentrein die door ongeveer 20 stations reed.
Tot een jaar geleden, toen de advocaat voor het veiligheidsbedrijf Interstar, Vasilis Kapernaros, een video in de openbaarheid bracht die aantoonde dat de trein niets ontplofbaars vervoerde. Vele geloven dat er met de video is geknoeid, en het kwam tot een rechtszaak waarin de echtheid van de video diende te worden aangetoond.
Afgelopen week was er nog maar eens een zitting over die zaak. En die zitting verliep niet zonder incidenten. Er doken namelijk beelden op buiten de rechtbank waar Kapernaros naar Panos Routsi uithaalde met de woorden “begin toch gauw weer eens aan een hongerstaking”.
Ik herinner u er graag aan dat Panos Routsi zijn zoon Denis heeft verloren in de treinramp, en dat hij in september vorig jaar een hongerstaking heeft gehouden op het Syntagmaplein om het recht op te eisen om de stoffelijke resten van zijn zoon op te graven. Hij weet namelijk niet zeker of hij wel degelijk de resten van zijn zoon heeft begraven want hij heeft enkel een gesloten doodskist gezien. En hij wil eveneens de doodsoorzaak kennen: is zijn zoon door de botsing om het leven gekomen, of is hij levend verbrand?
Het misprijzen van Kapernaros (ooit nog parlementslid voor de regerende partij Nea Dimokratia) is veelzeggend. Jarenlang wordt de nabestaanden van de dodelijke slachtoffers het leven moeilijk gemaakt. Routsi heeft velen tegen de haren in gestreken met zijn hongerstaking, waardoor premier Mitsotakis nu heeft gezegd dat het Syntagmaplein schoon dient te worden gehouden door het leger. Nog even vermelden dat de namen van de 57 dodelijke slachtoffers nog steeds in een geïmproviseerd schrijn op de grond staan geschilderd in rode verf. Niemand durft er wat aan te doen.
Hoewel Routsi in september zijn zin heeft gekregen, zijn de stoffelijke resten van zijn zoon nog steeds niet opgegraven.
Kapernaros verdedigde zijn uitval als volgt: “Ik heb niets tegen meneer Routsi. De heer Routsi is een gekwetste ouder, hij vond het gepast om de advocaten uit te schelden en te beledigen… terwijl hij als een bullebak met een pet op door de zaal liep.”
Routsi laat het er niet bij: hij heeft de advocaat aangeklaagd voor laster.
Het is de zoveelste episode in het treiterverhaal. Mensen die nauwe banden hebben met de regering, tot parlementsleden en ministers toe, houden niet op om de nabestaanden van de dodelijke slachtoffers te bekritiseren omdat die vinden dat ze geen gerechtigheid vinden. We leven al jaren met een regering die geen kritiek duldt en over gaat tot karaktermoorden om haar discours vol te kunnen blijven houden.
Maria Karystianou, tot voor kort voorzitster van de Vereniging van Nabestaanden van de Dodelijke Slachtoffers van Tempi, heeft zelfs aangekondigd dat ze een politieke partij begint. Zij is daarom afgetreden als voorzitster.
En nog iets: terwijl de regering de voorbije jaren al een paar keer heeft beweerd dat er elektronische controlesystemen waren op het treintraject Athene-Thessaloniki, bleek dat niet waar te zijn. Daarna luidde het dat het systeem klaar zou zijn in 2023. Daarna in 2025. En gisteren zei de bevoegde minister dat het systeem voor de zomer klaar zal zijn. We zullen het maar geloven, zeker?