Dat de levensduurte in Griekenland de afgelopen jaren fors is gestegen, is een open deur intrappen. Toch probeerden enkele parlementsleden van de regeringspartij deze week het tegenovergestelde te bewijzen.
Een parlementslid uit de periferie concludeerde, na het zien van veel auto’s op een grote verkeersader in Athene, dat het „wel meevalt” met de hoge kosten en de stijgende benzineprijzen. „Als je geen tien euro per dag hebt,” zei hij, „dan neem je maar het openbaar vervoer.” Een ander parlementslid — voormalig minister van Landbouw — verklaarde: „Elk weekend zie ik een snelweg vol auto’s, iets wat ik twintig jaar niet heb gezien. Overal is sprake van overconsumptie.”
Het doet denken aan opmerkingen van toeristen: „De terrasjes zitten vol, hoe kan er dan crisis zijn?” Ook premier Mitsotakis benadrukt dat de Grieken er onder zijn regering op vooruit zijn gegaan. De cijfers van Eurostat vertellen echtere een ander verhaal
Het nieuwe Eurostat‑rapport Key figures on European living conditions 2026 laat iets heel anders zien. Griekenland komt niet dichter bij het Europese gemiddelde, maar glijdt verder weg. Ondanks verbeteringen in macro‑indicatoren zoals werkgelegenheid en schuldquote, gaan de sociale indicatoren achteruit. Het resultaat: groei zonder welvaart.
In 2025 gaf 87,1% van de Grieken (bijna 9 op 10 dus) aan moeite te hebben om financieel rond te komen — het hoogste percentage in de EU. De indicatoren voor reëel inkomen, huisvesting en toegang tot gezondheidszorg plaatsen het land steevast onderaan de Europese ranglijsten.

Minister van Volksgezondheid Adonis Georgiadis heeft dit soort berichten meermaals weggewuivd op in zijn talrijke TV-optredens. Volgens hem gaat het om „klagers” die „niet beseffen hoe goed ze het hebben”.
Armoede en sociale uitsluiting stijgen opnieuw
- 27,5% van de Grieken loopt risico op armoede of sociale uitsluiting (2025), tegenover 26,3% in 2022.
- Alleen Bulgarije scoort slechter — al verbeterde Bulgarije wél.
- Bij kinderen (0–17 jaar) is de situatie nog erger: 29,6% leeft in armoede of sociale uitsluiting.
Gegevens van ELSTAT (de Griekse statistische dienst) tonen dat deze indicatoren gedurende de hele regeerperiode van Nea Dimokratia zijn verslechterd. In 2019 lag het armoederisico na sociale overdrachten op 17,9%, kinderarmoede op 21,1%.
Qua koopkracht (PPS – Purchasing Power Standard) bengelt Griekenland onderaan.Het mediane jaarlijkse beschikbare inkomen bedroeg in 2025:
- Griekenland: 13.612 PPS
- EU‑gemiddelde: 22.630 PPS
- Bulgarije: 14.843 PPS (dus hoger dan Griekenland)
- Luxemburg: 37.673 PPS
- Nederland: 29.714 PPS
Alleen Hongarije en Roemenië scoren lager dan Griekenland.

Op lange termijn is het beeld nog somberder: het mediane inkomen lag in 2025 22,3% lager dan in 2010, terwijl het EU‑gemiddelde in die periode 25,4% steeg. Alleen Frankrijk kende ook een daling — maar slechts van 0,6%.

Hoe ervaren Grieken hun financiële situatie? Eurostat gebruikt de indicator ‘ability to make ends meet’ om te meten hoe huishoudens hun financiële druk ervaren.
- In Griekenland zegt 87% dat ze het met moeite redden.
- EU‑gemiddelde: 42,5%
- Bulgarije: 76,9%
- Duitsland: 18,3%
- Nederland: 19,8%

Wonen wordt onbetaalbaar
- 26,4% van de Grieken woont in huishoudens waar meer dan 40% van het inkomen naar woonlasten gaat (EU‑gemiddelde: 7,7%).
- 18,1% kan de woning niet voldoende verwarmen (EU‑gemiddelde: 8,8%).
- Finland staat onderaan met slechts 2,6%.

14,9% van de Grieken rapporteert materiële en sociale ontbering — de derde slechtste score in de EU. EU‑gemiddelde: 6,3% Slovenië: 1,9%
Daarnaast kan 27,3% van de Grieken zich geen regelmatige deelname aan vrijetijdsactiviteiten veroorloven — het hoogste percentage in de EU.
Subjectieve armoede: de kloof is gigantisch
- 67,2% van de Grieken beschouwt zichzelf als arm.
- Bulgarije volgt met 36,1%.
- EU‑gemiddelde: 17,6%.
In de meeste EU‑landen ligt dit percentage onder de 25%.
Verder heeft Griekenland het hoogste percentage onbevredigde gezondheidsbehoeften:
- 11,5% kon in 2025 minstens één noodzakelijke medische test niet ondergaan.
- EU‑gemiddelde: 2,7%.
Alle 13 Griekse regio’s scoren slechter dan elke andere regio in de EU. Oorzaken: kosten, afstand, wachtlijsten.

In 2025 liepen 92,7 miljoen Europeanen (20,9%) risico op armoede of sociale uitsluiting — een lichte daling t.o.v. 2024. Het EU‑actieplan wil dit tegen 2030 met 15 miljoen verminderen, waarvan 5 miljoen kinderen.